Soms gaat alles goed, en vlot. Dan voel ik dat elk stapje, hoe klein ook, de juiste richting uitgaat. Nu is dat niet zo.
Ik probeer mezelf onder mijn gat te schoppen om vooruit te gaan, maar mijn schoppen komt niet aan. Ik ploeter maar wat in de modder.
Ik heb ideeën, maar ik loop er niet voor warm. De stapjes die ik zet, lijken in kringvorm te lopen.
Soms is dat zo, ik weet het. Ook dan moet je gewoon verder zetten, en voor je het weet merk je dat je wel op een goede weg zit. En als je dan omkijkt, voel je dat je al die tijd al goed bezig was, ook al voelde het niet zo.
Tenminste, dit houd ik mezelf voor, terwijl ik probeer te stappen met rubberlaarzen aan mijn voeten. Ik hoor het soppen van de modder, maar modder kan geen kwaad. En als die opdroogt, kijk ik om en zie ik aan mijn voetstappen welke weg ik aflegde.
Hoewel ik niet meer zo naar publiceren neig, schrijf ik nog veel. Het is prettig om herinneringen neer te pennen: de kleuterklas, eerste vakanties met mijn lief, diepe droefheid in de tweede moderne c, de piano van mijn tante en de kristallen vaas op haar tafel,…
Uit die herinneringen put ik ook inspiratie voor kleine animaties.
Zelf zie ik dit filmpje als weer een stapje vooruit. Ik probeerde om geluid en beeld meer te laten samenwerken. Ook speelde ik met het vervormen van mijn stem 🙂 En met het vervagen van het beeld met kalkpapier (alles liefst zo analoog mogelijk).
Straks kom ik weer tot een favoriet deel van het filmpjes maken: Al mijn tekenwerk verpakken en daarna schetsboeken doorbladeren om ooit neergepende ideeën op te pakken en te overwegen voor een volgend project.
Het is zomer, de komkommerplanten hangen zwaar van de komkommers, er zijn zoveel courgetten dat het wel een courgettenepidemie lijkt, en de takken van de appelbomen kreunen onder het gewicht van blozende appeltjes. Alleen de kippen vieren anarchie. Zij kakelen vrolijk en scharrelen vlijtig, maar ze leggen alleen eieren wanneer ze willen en ook waar ze willen, waardoor er al bij al maar zelden eieren op ons menu staan.
Binnenkort organiseren wij een open tuin en expo. We brengen alles in gereedheid, ’s avonds vallen we in slaap als een blok, om dan tot de ochtend ononderbroken, als marmotten, te slapen.
Welkom op de expo!
Meer dan genoeg omhanden dus, maar ik blijf ook animaties maken. Elke dag een beetje, en soms ook meer. Elke dag, no matter what.
Laatst hoorde ik in een interview met Amélie Nothomb dat zij inspiratie vooral toeschrijft aan het nooit stoppen. “Onmiddellijk na het moment waarop ik EINDE op een manuscript schrijf, begin ik aan het volgende,” zei ze. Ik vind dat interessant en geloofwaardig. Ik ben ook wel iemand die gelooft in regelmaat, en al sinds mijn twaalfde heb ik elke dag getekend. Maar om het beëindigen van een tekening niet te vieren met een sessie scrollen op het internet, maar met het begin van een nieuwe tekening, dat was nog niet in me opgekomen. Nu doe ik het wel, en dat voelt wel goed.
Dus zo ontstaat nu ook weer een nieuwe animatie. Niets dat wereldschokkend wil zijn, maar ik hoop gewoon weer enkele passen voorwaarts te maken. En ik geniet ervan, van al dat kleine tekenen. Dat gaat gepaard met het beluisteren van luisterboeken. Momenteel beluister ik “Feest van het begin” van Joke van Leeuwen. En soms wou ik dat ik Joke van Leeuwen was, zodat ik zoiets moois kon maken.
Streepje publiciteit voor een cursus die ik ontwikkelde:
Alles wat ik weet en alles wat ik kan bundelde ik in deze cursus. Het is een ideale springplank voor mensen die graag met animatie willen starten, maar er nog niet in thuis zijn. Met een minimum aan middelen kom je tot een mooi resultaat, en van daaruit kan je je eigen stijl gaan ontwikkelen.
Klein verhaal over een meisje, en twee andere kinderen die eigenlijk nevenpersonage zijn en een hele klas moeten suggereren, een boze juf die uiteindelijk misschien toch niet zo boos is, en een kat.
Het was weer een leerzaam proces om dit filmpje te maken. Ik ben tevreden, maar toch niet helemaal, zoals heilzaam is. Deze keer was het mijn doel om het verhaal meer naar boven te laten komen. Ik voelde aan dat geluiden meer geschikt zouden zijn dan piano muziek. Het is even slikken, want ik hou van piano, maar ik denk toch dat deze geluiden de animatie beter doet uitkomen.
Ik mocht nog eens een clipje maken bij een mooi lied van Joris J. Peeters. Het was prettig dat ik de tekst op mijn manier mocht interpreteren.
Ook is zoiets een fijne evenwichtsoefening. Het is een clip, je bent je ervan bewust dat er vluchtig naar gekeken wordt. Je wil iets moois geven, maar niet iets waar je een half leven aan werkt. Daarom zocht ik naar technieken die vrij snel zijn. En iets in de kleuren die voor mij bij het lied passen.
Ik ben tevreden over het resultaat. Opnieuw is het niet perfect, ik kan zelfs goed zien waar ik het in een volgend project anders zou aanpakken. Maar dat is voor een volgend project. We stappen voort.
Vaak droom ik daarvan: dagenlang in mijn wereldje kunnen blijven, alleen maar om aan een animatie te werken.
Ik heb geluk, ik hoef niet elke dag de baan op, naar een betaalde job, om dan afgepeigerd thuis te komen. Veel van mijn werk kan ik thuis doen, en daarna heb ik nog energie over.
Toch lukt het niet om me op één ding toe te spitsen. Altijd zijn er correcties, online cursussen, voedsel dat geplukt en verwerkt moet worden, kippen die voer willen en een hond die naar de leiband loenst.
Dus ik verzamel momenten van tekenen en schrijven, en ik kleef de streepjes piano aan elkaar.
Zo maakte ik onlangs een nieuwe clip voor Joris J Peeters (die moet nog verschijnen), en zo maakte ik ook deze animatie.
Vorige week ging ik naar de opendeurdag van Luca School of Arts in Brussel voor een rondleiding aan de richting animatie. Ik ging niet voor mezelf, maar voor mijn zoon, die ook dit pad op wil. Nu ben ik niet het soort lullige moeder die met haar zoon in de klas wil zitten (of: ik probeer geen al te lullige moeder te zijn), maar anders zou ik me onmiddellijk inschrijven. Wat werd ik enthousiast van de uitleg, de getoonde films, het materiaal, de ruimtes,… En wat werd ik me ook weer eens bewust van mijn eigen kleinheid. Maar als het goed is, zal dat nooit veranderen, want hoe je het ook draait of keert: klein zijn we.
Het is paasvakantie, ik maak vakantiefoto’s. Hier was ik gisteren. Vandaag ga ik er weer naartoe. Hoe zalig is het om eens uit je eigen omgeving te komen. Op vakantie, tijdens het lezen van een boek, of tijdens het maken van een filmpje.