Het is zomer, de komkommerplanten hangen zwaar van de komkommers, er zijn zoveel courgetten dat het wel een courgettenepidemie lijkt, en de takken van de appelbomen kreunen onder het gewicht van blozende appeltjes. Alleen de kippen vieren anarchie. Zij kakelen vrolijk en scharrelen vlijtig, maar ze leggen alleen eieren wanneer ze willen en ook waar ze willen, waardoor er al bij al maar zelden eieren op ons menu staan.
Binnenkort organiseren wij een open tuin en expo. We brengen alles in gereedheid, ’s avonds vallen we in slaap als een blok, om dan tot de ochtend ononderbroken, als marmotten, te slapen.

Welkom op de expo!
Meer dan genoeg omhanden dus, maar ik blijf ook animaties maken. Elke dag een beetje, en soms ook meer. Elke dag, no matter what.
Laatst hoorde ik in een interview met Amélie Nothomb dat zij inspiratie vooral toeschrijft aan het nooit stoppen. “Onmiddellijk na het moment waarop ik EINDE op een manuscript schrijf, begin ik aan het volgende,” zei ze. Ik vind dat interessant en geloofwaardig. Ik ben ook wel iemand die gelooft in regelmaat, en al sinds mijn twaalfde heb ik elke dag getekend. Maar om het beëindigen van een tekening niet te vieren met een sessie scrollen op het internet, maar met het begin van een nieuwe tekening, dat was nog niet in me opgekomen. Nu doe ik het wel, en dat voelt wel goed.
Dus zo ontstaat nu ook weer een nieuwe animatie. Niets dat wereldschokkend wil zijn, maar ik hoop gewoon weer enkele passen voorwaarts te maken. En ik geniet ervan, van al dat kleine tekenen. Dat gaat gepaard met het beluisteren van luisterboeken. Momenteel beluister ik “Feest van het begin” van Joke van Leeuwen. En soms wou ik dat ik Joke van Leeuwen was, zodat ik zoiets moois kon maken.


